Bovenkant van de pagina
Ga direct naar de navigatie
Ga direct naar de content

Naar het driecentenbadje

1935 - 1942
/

De meeste mensen waren echter zo arm, die liepen liever om en versnoepten hun paar centen liever dan dat ze met het pondje gingen.

Met het pontje

Als je naar het driecentenbadje wilde, kon je natuurlijk het hele eind gaan lopen (zie: Achter de begraafplaats). Op een bepaald moment is er een soort van pontje gekomen. Er was een schipper die van de gemeente een vergunning had gekregen om met een motorpontje te gaan varen. Die schipper had een ongeluk gehad waardoor hij een been had verloren.

In het verlengde van het Hekkepoortje (tussen het middengedeelte en het zuidelijke deel van de Joodse begraafplaats) was er bij het water van Het Nieuwe Diep een aanlegsteiger gebouwd. Voor een paar centen kon je dan worden overgevaren. De meeste mensen waren echter zo arm, die liepen liever om en versnoepten hun paar centen liever dan dat ze met het pondje gingen.
Die schipper moest tijdens de oorlog, om bij zijn pontje te komen, helemaal via de Zeeburgerdijk lopen. Zijn pontje lag aan de Westelijke Merwede Kanaaldijk. De aanlegsteiger van het pontje was vlak naast het zwembad. Die schipper is tijdens de oorlog door een Duitse auto ondersteboven gereden. Hij is daar, volgens mij, bij omgekomen. Het gebeurde voor de ingang van de Joodse begraafplaats. Volgens mij heette die schipper: Van Genderen.

Over het zwarte paadje

Je kon natuurlijk ook over het zwarte paadje lopen, ik noemde dat al eerder. De naam is ontleend aan het feit dat het paadje elk jaar opnieuw een beetje werd verhard met sintels. Je had altijd een paar enorme zwarte poten als je er overheen had gelopen. Vooral als het zomer was en droog was het een grote zwarte stofbende. Ik ben er zo vaak geweest dat ik het gebied wel kan dromen. Ik herinner mij nog goed alle kikkervisjes en stekeltjes die ik er in de slootjes heb gevangen naast het paadje.

Bijdragen 
Reacties (2)

Naar het driecentenbadje

Misschien ben ik toch enigzins abuis. Ik weet wel zeker dat ome Piet een houten been had en dat hij zeker na de oorlog nog vaarde vanaf een steiger zij het 'Zuiderzeepark' naar Zwemschool Oost en het Plashuis. Ik ben als kind dikwijls met dat bootje meegevaren.
Dat hij wellicht later is verongelukt zou kunnen, daar staat mij zelfs iets van bij.
Ik heb heb geen contact meer met genoemde familie van melkboer van der Vecht, waar ik als baby/peuter opgenomen ben geweest, zodat ik het niet kan navragen. Een helaas jong overleden kleindochter van de fam. van der Vecht was getrouwd met de kleinzoon van Ome Piet, die in de Boetonstraat woonde.

Anneke Koehof
,
15 sept 2012,11:48

Naar het driecentenbadje

Nee, de schipper van het pontje, het pontje van Ome Piet geheten, is niet dodelijk verongelukt. Wel heeft hij een been moeten missen, maar ook na de oorlog bracht hij ons nog vanaf de genoemde steiger naar het Plashuis of Zwemschool Oost.
Ik weet dit uit zeer betrouwbarre bron, mijn pleegouders waren familie van hem en zijn vrouw, of minstens goede vrienden.
Zijn houten been heeft mij als kind altijd geïntrigeerd, hoe zou dat vastzitten dacht ik. Ik herinner me nog hoe heerlijk het was om al varend met je handen door het water te gaan, je was toen met weinig tevreden. Momenteel vaart er door de Amsterdamse Grachten een boot die sprekend op dit schip lijkt, dan denk ik altijd weer aan het 'pontje van Ome Piet met het houten been'.

Anneke Koehof
,
10 sept 2012,21:12
Reacties (2)