Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

verteller

Pieter Bol

(1948) groeide op in Oost-Brabant en ging in 1968 geneeskunde studeren in Amsterdam. Hij ging zich in september inschrijven op de Mauritskade, en op de wandeling vanaf het Muiderpoortstation werd hij direct verliefd op Oost. Hij bleef er bijna 20 jaar wonen, op diverse adressen. Na zijn studie werkte hij in het Laboratorium voor de Gezondheidsleer aan het Oosterpark. Daarna was hij secretaris van de Gezondheidsraad in Den Haag en universitair hoofddocent aan de TU Delft. Nog steeds is hij freelance (wetenschaps)journalist. In 1970 richtte hij met een medestudent het 'Medisch Komitee Angola' op, dat in 1971 introk in de voormalige lagere school aan de Minahassastraat, waar het vijf jaar is gebleven.

Dierenlokster op de Polderweg

De lieve dame ontfermt zich graag over het arme dier...

  • -

    Pieter Bol op de uitkijk, misschien voor dierenlokkers ?
    Foto Ineke Schouw

We zijn in de jaren dertig. Aan de polderweg ligt het farmacologisch laboratorium van de Amsterdamsche Gemeente-universiteit. Hier zwaait de Tsjech Ernst Laqueur de scepter. Mijn schoonvader werkt bij hem als bioloog. Ze doen onderzoek naar hormonen en Laqueur stampt in Oss het bedrijf ‘Organon’ uit de grond. Tevens doet hij heimelijk onderzoek naar gifgassen want hij vreest terecht een Duitse aanval op ons land.

Een eind verder aan de Polderweg is het dierenasiel. In de crisisjaren ziet menig gezin zich gedwongen om hun huisdier(en) weg te doen omdat voeding, penning en dierenarts te duur worden. Daarentegen is er weinig animo om een dier uit het asiel op te nemen. De oplettende lezertjes voelen al aan dat deze en voorgaande alinea een noodlottige combinatie opleveren.

Mensen lopen met bezwaard gemoed richting asiel, met hun dierbare hond of kat. Een goedgeklede innemend-vriendelijke dame treedt hen tegemoet. “Oh, wat een lief mooi dier(tje). Gaat u dat echt wegdoen? Zonde toch! Ach, wat een lieverd. Kunt u echt niet voor hem zorgen? U weet toch wat er daar met de meeste dieren gebeurt?” De aangesprokene voelt zich diep schuldig en bekent de kosten niet meer op te kunnen brengen.

De dame weet raad. “Lieve vrienden van mij zijn juist op zoek naar zo’n schattige hond/kat. Zal ik uw lieveling bij hen brengen? U kunt ervan op aan dat zij/hij vertroeteld, ja verwend zal worden!” Overmand door schaamte en vreugde overhandigt het baasje het dier en stamelt woorden van dank. En gaat bevrijd van een zware last huiswaarts met een troostrijk verhaal voor de familieleden.

De dame gaat regelrecht naar het lab, waar een niet aflatende honger naar proefdieren bestaat. Ze toucheert een gulden (heel wat, toen) en hervat haar missie. Na ontdekking is het meteen uit en komt zij voor de rechter.

Auteur
Gepubliceerd in
2008
Reacties (2)

Re: Anneke Torenvliet

Beste Anneke,

Natuurlijk heb ik het woord 'dame' cynisch bedoeld. Ik hoop dat ze een flinke straf heeft gekregen.

Helaas echter, ook vele dieren die niet belandden in het laboratorium heeft men na een wachttijd moeten laten inslapen in het asiel. Maar dan waren ze gelukkig geen proefdier geweest.

Als medisch student had ik er de grootste moeite mee dat er zoveel proefdieren werden gebruikt voor medisch onderzoek. Dat vond ik dier- maar ook mensonwaardig. Ik vond uit dat er al vanaf het begin van de vorige eeuw een anti-vivisectie-bond bestond in Nederland.

Een voorman was de hoogleraar in de anatomie, Louis Bolk. Zijn laboratorium staat nog aan het Oosterpark. Zulke strijders werden door andere medici beschouwd als 'watjes' of 'softies'.

Maar zie, honderd jaar later is het proefdiergebruik een paar procent van wat het vroeger was. U staat niet alleen in uw streven om dieren een waardig bestaan te gunnen. Nog vele gelukkige jaren in Australië, groet, Pieter Bol

Pieter Bol
,
20 jun 2011, 22:47

Anneke Torenvliet

Het Dieren Asiel op de Polderweg
Als kind zijnde was ik daar bijna elke dag in de jaren vijftig
Op school heb ik zelfs een grote houten hond gemaakt voor hun op de toonbank ik geloof een duitse herder of een saint bernard
Die hebt er jaren lang gestaan met een collectie box,
Wat een verschrikking van die (ik noem haar geen Dame)
Ik was altijd bezig met dieren ik ging ook altijd naar de Artis lopen en vrijwillig schoonmaken en voeren
In Australia heb ik dan ook altijd veel dieren en bevrijden van alles ook paarden .
Anneke

Anneke Oppelaar/Torenvliet
,
4 jun 2011, 2:44
Reacties (2)

Post title

Post url

Your comment

Author

Comment

Mail

Website